Zwerfvuil, handelen of veroordelen?

Een aantal jaren geleden liep ik rond in het bos op zoek naar een stukje hout. Ik wilde een kunstwerkje maken met berkenhout. We hadden een stevige winter achter de rug, dus ik ging er van uit dat er hier of daar wel een boom gaan rusten was op de grond. Bij mijn zoektocht kwam ik veel zwerfvuil tegen.

Het verwonderde me wat mensen allemaal proberen weg te moffelen onder een struik of wat aarde. Toen ik mijn stukje hout vond kreeg ik het gevoel dat ik iets moest terugdoen voor het bos. Een teken van dankbaarheid. Afval ruimen leek mij het meest logische.

Toen ik thuis kwam en spontaan een aantal vuilzakken verzamelde kreeg ik de wind van voren. Vuilzakken waren niet gratis, het containerpark al evenmin. Waarom zou ik geld spenderen aan de rommel van anderen? Ik kon ze geen ongelijk geven en met de staart tussen de benen sloeg ik een andere weg in.

Een aantal jaren later organiseerde onze gemeente een grote zwerfvuilactie. Ik zag mijn kans om kosteloos toch mijn wens uit te voeren en schreef me in. Met enkele honderden mensen maakten we de straten in onze gemeente afvalvrij.
Het schonk voldoening en het groepsgevoel was zalig om te ervaren. Al die mensen, die net als ik, genoeg hadden van al die troep op straat.

Een paar weken later kreeg ik een mail met daarin de vraag of ik in de toekomst nog zwerfvuil wou opruimen. Ik kon alle benodigdheden gratis afhalen. Dat was een vraag waar ik geen twee keer moest over nadenken.

Toen ik drie maand na de grote opruiming een vuilzak vol afval ophaalde in slechts drie straten zakte de moed me echter in de schoenen. Waar was ik aan begonnen?

Je hoort het vrijwilligers vaak zeggen, hoe meer ze opruimen, hoe meer vuil ze vinden. Wanneer ik zelf aan het zeulen ben met mijn vuilzak vol zwerfvuil begint de muppetshow in mijn hoofd. Jij dom wicht, verspil je hier nou jouw tijd aan. Jij ruimt het op, zij maken het weer vuil. Het is belachelijk.” Hoe zwaarder de zak wordt hoe vaker ik denk “Ik geef het op!. Een blik op de prachtige horizon van onze gemeente brengt me dan tot rust.

Hoe vaak zeulen we de rommel van andere met ons mee. Een rugzak gevuld met alle veroordelingen en ergernissen. Net zoals de zak vol zwerfvuil op het einde van de wandeling zwaar begint te wegen, zo zwaar weegt die rugzak van me. Op mijn pad zie ik hier en daar wat huisvuil dat overwoekert is met planten of bedolven zit onder de aarde. Het afval dat de natuur verbergt is het moeilijkst te verwijderen. De aarde klaagt niet, die groeit gewoon verder. Zonder werkelijk die intentie te hebben groeit ze over het afval heen. Wij niet, wij zeulen het mee tot we er zelf onder bedolven worden.

Wanneer ik geen afval ruim voelt het aan alsof ik onverschillig ben. Wanneer ik wel afval ruim maar me erger aan al het afval zeul ik de ergernissen mee in mijn rugzak. De grijze zone tussen onverschillig zijn en jezelf laten bedelven is met de rede moeilijk te omschrijven. Gelukkig is de stem van mijn hart luider.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een eigen blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: