Guerrilla tuinieren

De klimaatsveranderingen en de menselijke activiteiten zorgen er voor dat heel wat planten en dieren het moeilijk hebben. Ons leefgebied overlapt dat van hen en alles is een ‘beetje’ uit balans gegaan.

Het belang van ecosystemen

We vormen samen met insecten een belangrijke gemeenschap. 75% van ons voedsel heeft bestuiving van insecten nodig. Zonder insecten, geen kersen, appels en bramen meer, maar ook geen paprika’s, tomaten en pompoenen. Ondanks die belangrijke samenwerking zorgt onze instinctieve drang naar gemak en comfort er voor dat de leefwereld van insecten met de dag kleiner wordt. Alles wat insecten nodig hebben om te overleven verwijderen we uit onze leefwereld.

Percelen worden verhard, natuurlijke omheiningen worden vervangen door plastic en metaal, bloemen worden vereeuwigd in zijde en plastic, bomen worden gekapt voor onze veiligheid, het gras maaien we constant en de inheemse kruiden douchen we in glyfosaat. Insecten bezwijken aan datgene wat we als onschuldig, zelfs normaal aanschouwen.

Van zondag 30 mei tot en met zondag 6 juni loopt in Vlaanderen de ‘Week van de Bij’. In die week wordt er campagne gevoerd om gedragsverandering tot stand te brengen bij de burger, scholen, bedrijven en lokale overheden. Wat we doen voor de bij, doen we uiteindelijk voor ieder insect.

  • Gemeenten kunnen hun bermen, ongebruikte graslanden en braakliggende terreinen op een duurzamere manier gaan beheren.
  • Scholen kunnen het belang van bijen leren aan de jeugd, maar ook een insectenhotel en groente- en bloementuin aanleggen op de school.
  • Landbouwers kunnen inzetten op groenbemesters, overschakelen op biologische bestrijdingsmiddelen en akkerranden inzetten om meer diversiteit tot stand te brengen.
  • De burger kan bijdragen aan de betonstop door zijn tuin te ontharden en om te zetten in bloemenborders, bomen te planten, omheiningen opnieuw te vormen met inheemse struiken, groendaken tot stand te brengen op bijgebouwen en voor bloemen en bessen te zorgen van vroeg in de lente tot laat in de herfst.

Zaadbommen gooien

Voor sommige mensen gaat het allemaal niet snel genoeg. Campagnes zoals de ‘Week van de bij’ lopen al jaren en toch zien we iedere dag opnieuw hoe tuinen worden verhard, voetbalpleinen vol gelegd worden met kunstgras, bermen te vroeg worden gemaaid en akkerlanden vol groenbemesters besproeid worden met glyfosaat om het omploegen te vergemakkelijken. Sommige mensen besluiten om buiten hun eigen perceel te gaan tuinieren. Dat noemt men dan Guerrilla tuinieren.

Guerrilla is een Spaans woord dat ‘kleine oorlog’ betekent. In dit geval dus groene oorlog. Guerrilla tuinieren heeft zijn naam waarschijnlijk te danken aan de eerste volkstuin in New York. In 1973 werd daar voor het eerst officieel een braakliggend terrein opgeëist om te tuinieren. De mensen die de grond bewerkten noemden zichzelf Green Guerrillas.

Het gooien van zaadbollen werd een populair duurzaam thema dankzij de Japanner Masanobu Fukuoka, schrijver van het boek ‘The one-straw revolution’. Hij besloot in zijn omgeving balletjes van aarde gevuld met groentezaden en zaden van witte klaver te verspreiden. Hij gooide zijn balletjes in bermen, langs rivieren, wegen en op braakliggende terreinen. Het zorgde er voor dat grond opnieuw vruchtbaar werd en er voldoende eten was voor mens en dier.

Sommige burgers bekijken guerrilla tuinieren als een vorm van vandalisme. Men vind het onterecht dat enkelingen gaan bepalen wat er groeit op het land van iemand anders. Omwille van die reden gebeurt guerrilla tuinieren vaak anoniem. Stiekem zaadjes zaaien en dan maanden later stroken vol wilde bloemen zien verschijnen zorgt wel voor wat binnenpretjes. Anderen vinden het net leuk om ruiten te breken met als doel verandering te brengen. Want waarom zou je niet mogen opeisen wat die ene verwaarloost als dat in het belang is van iedereen? Deze hippe guerilla’s zaaien er op los en maken het thema populair op sociale media.

Zaadbommen worden gemaakt van een combinatie compost, klei en zaden. De klei zorgt er voor dat de zaadbommen van op afstand weggegooid kunnen worden en openbarsten eens ze de grond raken. Je gebruikt het best biologisch zaad van inheemse planten al dan niet gecombineerd met een groenbemester zoals klaver of bernagie.

  • Langs oude muren kun je zaadbommen gooien van liggende vetmuur, gele helmbloem, kandelaartje, stijf barbarakruid, muurpeper en muurleeuwenbek.
  • Wat het goed doet op groendaken, doet het ook goed langs grindpaden. Bergschildzaad, gele kamille, havikskruid, aubretia, grasklokje, muurpeper, hyssop en tripmadam horen in jouw zaadbom.
  • Langs akkerlanden zaai je best eenjarige planten zoals bolderik, korenbloem, wilde ridderspoor, echte kamille, akkerleeuwbek, grote klaproos en nachtkoekoeksbloem.
  • Langs weilanden en boomgaarden kun je duizendblad, fluitenkruid, barbarakruid, knoopkruid, weegbree, brunel, klaver, boterbloem, koekoeksbloem en wikke een kans geven.
  • Op braakliggende terreinen kun je karwij, wilde chicorei, grote kaardebol, slangenkruid, echte kamille, klaver, klaproos en bonte wikke verspreiden.
  • Gazons kun je opfleuren met zaad van klaver, madeliefjes, paardenbloem, boterbloem en biggenkruid. Weet je zeker dat er niet gemaaid wordt voor half mei, dan kun je de boel opfleuren met bollen van de boerenkrokus, hyacint en blauwe druifjes.

Ook al is het gooien van zaadbommen bij wet niet verboden, guerrilla tuinieren doe je tegenwoordig best in samenspraak met de eigenaars van percelen. Misschien heeft jouw buurman geen groene vingers, maar vind hij het best goed dat je zijn voortuin onderhoudt. Neem contact op met de milieudienst van jouw gemeente om te bekijken welke samenwerkingen er mogelijk zijn op gemeentelijke eigendom.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s